De Europese Natuurherstelverordening vraagt om actie. In het kort:
Artikel 8 gaat over meer boomkroonbedekking in wijken, zodat we meer schaduw en verkoeling krijgen.
Artikel 10 gaat over het terugbrengen van bestuivers zoals bijen en vlinders.
Op onze droge zandgrond is dat best een uitdaging. Daarom kiezen we bewust voor inheemse bomen. Die passen bij de bodem, hebben vaak minder water nodig en zijn een goede voedselbron voor insecten. Zo pakken we twee dingen tegelijk aan: meer bladerdek én meer biodiversiteit.
Deze inheemse soorten doen het goed op zandgrond:
• Vuilboom of sporkehout (Frangula alnus)
• Wilde lijsterbes (Sorbus aucuparia)
• Zomereik (Quercus robur)
• Wintereik (Quercus petraea)
• Spaanse aak of veldesdoorn (Acer campestre)
• Hulst (Ilex aquifolium)
• Ruwe berk (Betula pendula)
• Winterlinde (Tilia cordata)
En nu jij.
Wij kunnen als partij vergroenen in straten en parken, maar een groot deel van Laren is privétuin. Als jij een paar tegels vervangt door een (kleine) inheemse boom of bloeiende struik, maak je echt verschil: koeler in de zomer, meer eten en schuilplek voor insecten en vogels.

0 reacties